Als de belastingbetaler kostgangers houdt, vormt de opbrengst daarvan resultaat uit overige werkzaamheden. Maar het deel daarvan dat betrekking heeft op het ter beschikking stellen van de woonruimte als zodanig, dus de bruto huur (d.w.z. vóór aftrek van kosten) van de kamers, al dan niet gestoffeerd of gemeubileerd (dus niet het deel van de opbrengst dat betrekking heeft op voeding en bewassing en dergelijke) is vrijgesteld. Voorwaarde is dat het vrij te stellen deel van de opbrengst niet meer bedraagt dan € 5.164. Wordt aan deze voorwaarde niet voldaan, dan is de hele opbrengst belast. Een huurverhoging van een paar euro kan dus fiscaal erg kostbaar worden. De faciliteit voor het houden van kostgangers geldt in wezen ook voor gewone kamerverhuur. Als de bruto opbrengst niet meer bedraagt dan € 5.164, is deze vrijgesteld. De desbetreffende kamers behoren in dat geval voor het eigenwoningforfait gewoon tot de eigen woning. Is de opbrengst hoger dan het genoemde bedrag, dan valt het verhuurde deel van de woning in box 3.

